Zagen
april 19, 2011
Figuurlijk dan. Daarmee was ik een tweetal geleden bezig tegen Jonathan. Dat dat geraamte aan de muur op de zolder veel te traag vooruit gaat. Duidelijk geïrriteerd vroeg hij mij: “Wat denk je dan te doen als we aan de keuken beginnen?” Hij heeft een punt want dat zal ook niet op één, twee, drie af zijn. Hij vroeg me hoe lang ik dacht aan de zolder bezig te zijn. Ik antwoordde: “Toch geen jaar.” Hij gaf te kennen dat hij dat niet zo’n gekke deadline vond. Ik moest toch even slikken.
Toch wil ik even verduidelijken dat die trage vooruitgang niet zo overdreven is. Iedere week werken we zaterdagvoormiddag aan het geraamte voor de valse muren op zolder. Van 9 tot 12. In de namiddag zorgen we dat we ergens naartoe gaan met E. Onze kleine meid heeft namelijk buitenlucht nodig. Er zit een limiet op je amuseren met restjes blokken en zwemmen in houtzaagsel. Uiteraard stelt iedereen dan de vraag: “Waarom doe je E. niet weg zodat je kan verder werken?” We zijn de hele zolder aan het verbouwen. Dat is niet gedaan in drie weekends. Bovendien is het tijdens de week zo druk dat we ze amper zien.
In veel gezinnen werkt de man alleen aan de verbouwing. Dat moet erg zijn. Ten eerste gaat het al helemaal niet vooruit en ten tweede heeft één persoon maar twee handen. Toen ik vorige week een lat van 3m alleen probeerde vast te vijzen, lag ik bijna achterwaarts over van de ladder op de trap. Gevaarlijk dus. Bovendien ben ik een kalf dat ambetant wordt als ik het huismoedergevoel (= koken, strijken en voor de kindjes zorgen) krijg. En soms moet je eens kunnen overleggen en dat kun je maar half als je niet meewerkt.
Zucht. Ik ben er nog altijd niet uit. On the upside: gisteren keken we naar een programma over een verbouwing van een watertoren tot woonhuis. De echtgenote gaf toe dat hun gestoorde project lang duurt maar dat ze zo wel altijd centen genoeg hebben om verder te doen.
Weet jij wat de oplossing is? Laat het maar weten.